ECLI:NL:RBSGR:2003:AF8258
Rechtbank 's-Gravenhage · 02-04-2003 · zaaknummer AWB 02/86497
Inhoudsindicatie
Liberia / categoriaal beschermingsbeleid. De rechtbank gaat er, gelet op de doorslaggevende betekenis van het beleid in de andere EU-landen, vanuit dat ook in verweerders visie de indicatoren onder a en b weergegeven in artikel 3.106 Vb 2000, op zichzelf beschouwd wijzen in de richting wijzen van een categoriaal beschermingsbeleid. Voor de beoordeling van de vraag of verweerder ten aanzien van Liberiaanse asielzoekers een categoriaal beschermingsbeleid achterwege kan laten is bepalend dat verweerder een ruime beleidsvrijheid heeft. De verantwoording over het gebruik van de bevoegdheid tot het al dan niet geven van tijdelijke bescherming dient primair te geschieden ten overstaan van de Tweede Kamer. De rechtbank kan een dergelijk besluit niet anders dan uiterst terughoudend toetsen, temeer nu het hier niet betreft de afschaffing van een eerder gevoerd categoriaal beschermingsbeleid. De rechtbank ziet geen grond voor het oordeel dat verweerder niet in redelijkheid heeft kunnen besluiten het voeren van een categoriaal beschermingsbeleid achterwege te laten. Beroep ongegrond.
Advocaten
- A. van Blankenstein
- M.J.A. Leijen
Partijen
Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie
verweerder · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
