ECLI:NL:RBSGR:2003:AF8139
Rechtbank 's-Gravenhage · 09-04-2003 · zaaknummer AWB 02/4034
Inhoudsindicatie
Algerije / categoriaal beschermingsbeleid. In bezwaar heeft eiser zich gemotiveerd op het standpunt gesteld dat hij ten onrechte niet in het bezit is gesteld van een vvtv. Verweerder heeft in de bestreden beschikking volstaan met de overweging dat de terugkeer van eiser naar Algerije in verband met de algehele situatie aldaar niet van bijzondere hardheid is, zodat eiser niet in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd op grond van artikel 29, eerste lid, onder d, Vw 2000. Ter zitting heeft verweerder aangegeven dat, ter motivering van de weigering om eiser in het bezit te stellen van de gevraagde verblijfsvergunning, volstaan kan worden met een verwijzing naar de omstandigheid dat ten aanzien van Algerije geen categoriaal beschermingsbeleid wordt gevoerd. De rechtbank stelt vast dat verweerder niet heeft verwezen naar het hoofdstuk ‘Beoordeling van asielaanvragen van asielzoekers van Algerijnse nationaliteit’ neergelegd in hoofdstuk C8 Vc 2000. Desalniettemin gaat de rechtbank ervan uit dat verweerder heeft beoogd te verwijzen naar deze beleidsregel, aangezien daarin het standpunt van verweerder is verwoord. Nu hoofdstuk C8 Vc 2000 geen motivering bevat omtrent het niet voeren van een categoriaal beschermingsbeleid en eiser gemotiveerd heeft betwist dat verweerder in redelijkheid voormelde beleidsregel heeft kunnen vaststellen, is verweerder gehouden in het bestreden besluit te motiveren dat hij in redelijkheid tot vaststelling van die beleidsregels heeft kunnen komen. In dat kader is van belang dat de indicatoren neergelegd in artikel 3.106 Vb 2000 dienen te worden betrokken in de beoordeling of sprake is van een situatie als bedoeld in voormeld artikel 29, eerste lid, onder d, Vw 2000. De door eiser aangedragen informatie, te weten een rapport van Amnesty International en berichten van Human Rights Watch, dateren van na het moment waarop het besluit om geen categoriaal beschermingsbeleid te voeren is genomen. De rechtbank overweegt dat de omstandigheid dat eiser op grond van deze informatie betwist dat verweerder zich in redelijkheid op hoofdstuk C8 Vc 2000 kan beroepen, met zich meebrengt dat verweerder dient te motiveren waarom deze feiten en omstandigheden niet leiden tot een ander oordeel. Beroep gegrond, partiële vernietiging van het bestreden besluit wegens motiveringsgebrek.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
