ECLI:NL:RBSGR:2003:AF7894
Rechtbank 's-Gravenhage · 10-03-2003 · zaaknummer AWB 01/4908
Inhoudsindicatie
Mvv-vereiste / vrijstelling / asielverzoek. Eiser stelt dat het mvv-vereiste hem niet had mogen worden tegengeworpen, omdat, gelet op artikel 16a, derde lid, onder b, Vw, ten tijde van het indienen van de reguliere aanvraag nog niet onherroepelijk op zijn asielaanvraag was beslist. Op grond van artikel 16a, derde lid, onder b, Vw zijn vreemdelingen die een aanvraag om toelating als vluchteling hebben ingediend vrijgesteld van het bezit van een mvv. De rechtbank overweegt dat deze vrijstelling van het mvv-vereiste geldt voor aanvragen om toelating als vluchteling en dat de vrijstelling niet geldt indien de aanvraag om toelating als vluchteling reeds door verweerder is afgewezen en aan een eventueel bezwaar geen schorsende werking is verleend. In de nota van aanleiding van het verslag hierover is ten aanzien van het wetsvoorstel immers gesteld dat vreemdelingen die een aanvraag om toelating als vluchteling hebben ingediend niet mvv-plichtig zijn. Dit betreft dus gevallen waarin een asielzoeker in procedure is. Indien het verzoek wordt afgewezen dient de betrokkene een mvv aan te vragen om op een andere grond alsnog toelating te krijgen. Indien dit anders zou zijn, zou de asielprocedure kunnen worden gebruikt om zonder mvv een reguliere verblijfsvergunning aan te vragen. De rechtbank maakt hieruit op dat artikel 16a, derde lid, Vw niet verder strekt dan de vreemdeling, die een asielaanvraag heeft ingediend, vrij te stellen van de verplichting om terug te keren naar het land van herkomst om daar een mvv aan te vragen, omdat en zolang nog niet door verweerder is vastgesteld of betrokkene aldaar gegronde vrees heeft voor vervolging dan wel een reëel risico loopt op een behandeling als verboden in artikel 3 EVRM. Indien de asielaanvraag is afgewezen en er geen bezwaarschrift is ingediend, dan wel op inhoudelijke gronden door verweerder of door de voorzieningenrechter is besloten dat de behandeling van het bezwaarschrift niet in Nederland mag worden afgewacht, staat er voor de vreemdeling niets meer aan in de weg om in het land van herkomst een mvv aan te vragen met als doel verblijf in Nederland. Deze uitleg voorkomt dat de asielprocedure zou kunnen worden gebruikt om zonder mvv een reguliere verblijfsvergunning aan te vragen en doet eveneens recht aan het doel van het mvv-vereiste, zoals dat in de parlementaire geschiedenis van de wettelijke vastlegging van het mvv-vereiste is verwoord. Nu verweerder de aanvraag van eiser om toelating als vluchteling niet heeft ingewilligd wegens de kennelijke ongegrondheid ervan en op dezelfde datum heeft medegedeeld dat de behandeling van het bezwaarschrift niet in Nederland mag worden afgewacht, geldt de vrijstelling van artikel 16a, derde lid, aanhef en onder b, Vw niet. Beroep ongegrond.
Rechters
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
