Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2003:AF7891

Rechtbank 's-Gravenhage · 27-03-2003 · zaaknummer AWB 03/14417

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 04-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Ama-beleid / leeftijdsonderzoek / traumatabeleid. Eiser stelt dat met het uitgevoerde leeftijdsonderzoek niet kan worden vastgesteld of iemand minderjarig of meerderjarig is. De rechtbank volgt deze stelling niet. Naar aanleiding van een overleg tussen Inspectie van de Gezondheidszorg (IGZ), de IND en enkele deskundigen, heeft de IGZ de IND bij brief laten weten geen twijfel meer te hebben over het door de IND gehanteerde leeftijdsonderzoek. Bovendien heeft de IGZ zich bereid verklaard audits uit te voeren omtrent de methode van het leeftijdsonderzoek. Het is reeds lange tijd praktijk om de methode van het leeftijdsonderzoek niet langer te gebruiken voor het bepalen van de achttienjarige leeftijd. De IND kan op basis van leeftijdsonderzoek enkel een wetenschappelijk verantwoorde conclusie trekken of een asielzoeker twintig jaar of ouder is, en dus meerderjarig. Dit is het geval als het sleutelbeen van de asielzoeker volledig ‘gesloten’ is. Bij een ‘niet-geheel gesloten’ sleutelbeen gaat de IND uit van minderjarigheid, ook als de onderzoeker heeft aangegeven dat er wellicht sprake is van meerderjarigheid. De rechtbank heeft geen grond om aan te nemen dat de methode van het leeftijdsonderzoek van verweerder onvoldoende deugdelijk zou zijn. De rechtbank neemt daarbij in aanmerking dat het uitgevoerde onderzoek slechts fungeert als hulpmiddel om de leeftijd van een asielzoeker te kunnen bepalen als onderdeel van de beoordeling van de ingediende aanvraag. Zoals ook in casu het geval is, verstrekt de asielzoeker zelf doorgaans geen gegevens die de door hem gestelde leeftijd anderszins zouden kunnen staven. De rechtbank acht het gehanteerde leeftijdsonderzoek een aanvaardbaar hulpmiddel ter uitvoering van de vreemdelingenwetgeving. Verweerder heeft naar het oordeel van de rechtbank op grond van het verrichte leeftijdsonderzoek eiser een leeftijd van 21 jaar of ouder mogen toekennen ten tijde van de asielaanvraag en, gelet op het verschil met de door eiser zelf opgegeven leeftijd van vijftien à zestien jaar, mede op grond daarvan diens asielrelaas ongeloofwaardig mogen achten. De rechtbank overweegt voorts dat verweerder in redelijkheid heeft kunnen besluiten eiser geen verblijfsvergunning te verlenen op grond van artikel 29, eerste lid, aanhef en onder c, Vw 2000, nu eiser in de gestelde gebeurtenissen geen aanleiding heeft gezien Guinee te verlaten. Daarnaast overweegt de rechtbank in het licht van de Afdelingsuitspraak 200200324/1 van 22 maart 2002 dat uit artikel 31, eerste lid, Vw 2000 voortvloeit dat het belang van de aanwezigheid van littekens moet worden beoordeeld in de context van het asielrelaas van de vreemdeling. Nu verweerder dat asielrelaas niet aannemelijk achtte, hoefde verweerder niet in te gaan op de vraag of de gestelde littekens kunnen duiden op martelingen. Het is aan de vreemdeling om het mogelijke belang van aanwezige littekens voor het asielverzoek met een geloofwaardig relaas aannemelijk te maken. Beroep ongegrond.

Rechters

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Partijen

  • Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie te ’s-Gravenhage

    verweerder · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.