ECLI:NL:RBSGR:2003:AF6612
Rechtbank 's-Gravenhage · 11-02-2003 · zaaknummer AWB 03/6152, 03/6153
Inhoudsindicatie
Nigeria / vestigingsalternatief / artikel 3 EVRM. Verzoeker stelt afkomstig te zijn uit Nigeria. Verzoeker heeft problemen met familieleden ondervonden omdat hij als oudste zoon van de eerste vrouw van zijn vader recht heeft op de erfenis van zijn vader. Naar het oordeel van de rechtbank kan hetgeen verzoeker heeft aangevoerd niet vallen onder een der vervolgingsgronden van het vluchtelingenverdrag. De problemen van verzoeker betreffen immers problemen in de privésfeer waartegen het Vluchtelingenverdrag geen bescherming biedt. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder zich op goede gronden op het standpunt gesteld dat verzoeker niet in aanmerking komt voor toelating als vluchteling. Voorzover ervan moet worden uitgegaan dat verzoeker te vrezen heeft voor een behandeling als bedoeld in artikel 3 EVRM, althans voor represailles van zijn familie, wordt overwogen dat verzoeker zich daaraan kan onttrekken door zich, desnoods tijdelijk, elders in Nigeria, bijvoorbeeld in Lagos, op te houden. Mede gelet op het feit dat aan verzoeker het bepaalde in artikel 31, tweede lid, aanhef en sub f, Vw 2000 is en mocht worden tegengeworpen, kon verweerder dit ophoudalternatief aan verzoeker tegenwerpen. Beroep ongegrond, afwijzing verzoek.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie
verweerder · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
