ECLI:NL:RBSGR:2002:AF3746
Rechtbank 's-Gravenhage · 29-11-2002 · zaaknummer AWB 02/70164
Inhoudsindicatie
Dublinclaim / claimtermijn / rechtstreekse werking. Nu de in artikel 11, eerste lid, Overeenkomst van Dublin (OvD) neergelegde claimtermijn is overschreden, dient verweerder de behandeling van het asielverzoek van eiser aan te trekken. Artikel 11, eerste lid, OvD geeft een duidelijk en nauwkeurig omschreven termijn waarbinnen een lidstaat, die van mening is dat een andere lidstaat verantwoordelijk is voor de behandeling van het asielverzoek, een verzoek om overname kan doen aan die andere lidstaat. Het gevolg van het overschrijden van deze termijn is ondubbelzinnig en ongeclausuleerd neergelegd in de tweede volzin van het artikellid. Voorts kan het bepaalde in artikel 11, eerste lid, OvD aangemerkt worden als een in de preambule bedoelde maatregel ter voorkoming van de situatie dat een asielzoeker te lang in het ongewisse blijft over het gevolg dat aan zijn asielaanvraag gegeven wordt. De rechtbank concludeert dat artikel 11, eerste lid, OvD gelet op de doelstellingen van de OvD en gelet op de bewoordingen van de bepaling geacht moet worden rechtstreeks toepasselijk te zijn. Tevens komt uit de redactie van het artikel in samenhang met de eerder aangehaalde passage van de preambule naar voren dat het artikel er mede toe strekt de belangen van een asielzoeker in een van de lidstaten, partij bij de overeenkomst, te beschermen. De tekst van de bepaling is voorts zodanig dat de asielzoeker deze bepaling zonder meer voor de bevoegde nationale rechter kan inroepen. De stelling van verweerder dat, indien al geconcludeerd zou moeten worden dat artikel 11, eerste lid, OvD rechtstreekse werking heeft, de claimtermijn eerst aanvangt op het moment dat bij verweerder de mening heeft postgevat dat een andere lidstaat verantwoordelijk is voor de behandeling van het asielverzoek wordt door de rechtbank niet gevolgd, omdat deze stelling geen grond vindt in de bewoordingen van de bepaling. In de bepaling wordt ondubbelzinnig de asielaanvraag als begindatum van de claimtermijn genoemd. Artikel 11, eerste lid, OvD biedt geen ruimte voor het standpunt van verweerder dat de claimtermijn niet geldt voor gevallen waarin sprake is van manifest bedrog of het anderszins verstrekken van onjuiste gegevens. Het artikellid bepaalt immers in de tweede volzin zonder enig voorbehoud dat bij overschrijding van de claimtermijn de lidstaat waarbij de asielaanvraag is ingediend verantwoordelijk is. Nu het bepaalde in artikel 11, eerste lid, OvD rechtstreekse werking heeft en mede bedoeld is om te voorkomen dat de asielzoeker te lang in onzekerheid blijft, doet de omstandigheid dat Oostenrijk de door verweerder na het verstrijken van de termijn van zes maanden gelegde claim heeft geaccepteerd aan het voorgaande niet af. Beroep gegrond.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
Stichting Rechtsbijstand Asiel te Amsterdam
eiser · bedrijf
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
