Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2002:AF2800

Rechtbank 's-Gravenhage · 18-12-2002 · zaaknummer AWB 02/73771

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 04-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Afghanistan / categoriaal beschermingsbeleid. Ten aanzien van de beslissing van verweerder het beleid van categoriale bescherming zoals dat voor Afghanistan is gevoerd te beëindigen verwijst de rechtbank allereerst naar de jurisprudentie van de Afdeling. De rechtbank overweegt verder dat ofschoon uit het ambtsbericht van 19 augustus 2002 volgt, zoals verweerder ook heeft gesteld, dat de veiligheidssituatie lokaal nog zorgelijk kan zijn, de rechtbank geen grond ziet om te oordelen dat verweerder zich op basis van het ambtsbericht niet in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat geen sprake is van zodanige mate van geweld en spreiding van geweld dat het voeren van een categoriaal beschermingsbeleid geïndiceerd zou zijn. Verweerder heeft bij zijn besluit het advies van de UNHCR betrokken. Dat advies houdt in dat asielzoekers kunnen worden voorgelicht over vrijwillige (geassisteerde) terugkeer naar Afghanistan. Ter zitting heeft verweerder nog gewezen op de naar aanleiding van de veiligheidsproblemen in noordelijk Afghanistan door de interimregering van Afghanistan in samenwerking met de Verenigde Naties (VN) opgerichte veiligheidscommissie. Verweerder heeft tevens het beleid zoals dat in andere landen in de Europese Unie wordt gevoerd betrokken bij beantwoording van de vraag of sprake is van een situatie als bedoeld in artikel 29, eerste lid, onder d, Vw 2000. Aldus heeft verweerder de in het ambtsbericht vermelde bevindingen getoetst aan de uitgangspunten, neergelegd in artikel 3.106 Vb 2000 en uitgewerkt in hoofdstuk C1/4.5 Vc 2000. Verweerder heeft geoordeeld dat de terugkeer naar, dan wel verblijf in, Afghanistan niet van bijzondere hardheid is. Gelet op het vorenstaande en op het feit dat de Tweede Kamer op 12 september 2002 heeft ingestemd met de beleidswijziging van verweerder, is de rechtbank van oordeel dat niet kan worden geoordeeld dat verweerder niet in redelijkheid heeft kunnen besluiten het categoriale beschermingsbeleid te beëindigen. Eiser stelt dat verweerder met zijn tijdens een overleg met de Tweede Kamer op 12 september 2002 gedane uitlating met betrekking tot de individuele beoordeling van de mogelijkheden van terugkeer, een precedent heeft geschapen voor alle Afghanen die een negatieve beschikking hebben gekregen. Verweerder heeft ter zitting aangevoerd dat dit ging over een groep van zeventig Afghanen. Deze Afghanen zijn uitgeprocedeerd. Zij dienen door het beëindigen van het vertrekmoratorium Nederland te verlaten en er is nog niet getoetst aan de nieuw ontstane situatie zoals beschreven in het ambtsbericht van 19 augustus 2002. Ten aanzien van deze geïsoleerde groep heeft de Kamer verzocht om een individuele beoordeling alvorens verwijdering plaats zou vinden. De rechtbank is van oordeel dat deze lezing van het verslag van het Algemeen Overleg van 12 september 2002 niet onjuist is. Het voorgaande is voor de onderhavige zaak, waarin een individuele beoordeling heeft plaatsgevonden (mede) op basis van de in het ambtsbericht beschreven situatie in Afghanistan, evenwel zonder betekenis. Beroep ongegrond.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Partijen

  • Stichting Rechtsbijstand Asiel Noordoost-Nederland te Zwolle

    eiser · bedrijf

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.