Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2002:AF2592

Rechtbank 's-Gravenhage · 18-12-2002 · zaaknummer AWB 02/1085 BESLU

BestuursrechtGepubliceerd 04-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Verknooptheid van besluit met een formele wet brengt in casu niet mee, dat ingevolge art. 8:2.a Awb geen beroep openstaat. Besluit van 18 september 2001 tot vaststelling van de beschrijving van de grenzen van de gemeenten ’s-Gravenhage en Rijswijk, die zijn aangegeven op de kaart bij de wet van 12 juli 2001 tot gemeentelijke herindeling van Den Haag en omgeving (hierna: de Haagse Herindelingswet). Het tegen dit besluit ingediende bezwaarschrift van eiser (de gemeenteraad van Rijswijk) is door verweerder niet-ontvankelijk verklaard. Niet in geschil is dat het besluit van 18 september 2001 moet worden aangemerkt als een besluit in de zin van art. 1:3 Awb. In beginsel staat tegen een dergelijk besluit beroep open tenzij sprake is van één van de uitzonderingen bedoeld in de artikelen 8:2 tot en met 8:6 Awb. Het besluit van 18 september 2001 bevat op zichzelf beschouwd geen zelfstandige rechtsnorm die zich leent voor herhaalde toepassing, zodat het geen algemeen verbindend voorschrift is als bedoeld in art. 8:2, aanhef en sub a, Awb. Verweerder heeft met verwijzing naar de recente jurisprudentie van de Afdeling met betrekking tot het “verknooptheid”-criterium (ABRS d.d. 18 augustus 2000, LJN AA9945) , JB 2000/295 en d.d. 17 juli 2002, LJN AE5358) , JB 2002/248) overwogen dat in casu sprake is van een samenstel van algemeen verbindende voorschriften als bedoeld in art. 8:2, aanhef en sub a, Awb en dat om die reden geen beroep openstaat tegen het besluit van 18 september 2001. De rechtbank is van oordeel dat van een samenstel van algemeen verbindende voorschriften reeds geen sprake kan zijn nu de Haagse Herindelingswet, voor zover hier van belang, zelf niet als een algemeen verbindend voorschrift kan worden aangemerkt. De Haagse Herindelingswet is weliswaar een wet in formele zin maar bevat geen zelfstandige rechtsnormen met algemene strekking die zich lenen voor herhaalde toepassing, althans niet voor wat betreft de hier in geding zijnde wijziging van de grenzen van de gemeenten ’s-Gravenhage en Rijswijk. Art. 8:2, aanhef en sub a, Awb ziet alleen op besluiten, inhoudende algemeen verbindende voorschriften. Nu de Haagse Herindelingswet afkomstig is van de wetgevende macht, welk orgaan gelet op art. 1:1.2.a Awb niet als bestuursorgaan wordt aangemerkt, is de Haagse Herindelingswet geen besluit in de zin van art. 1:3 Awb. Dit brengt met zich mee dat art. 8:2.a Awb ook om die reden niet als wettelijke grondslag kan dienen voor het niet-appellabel zijn van de Haagse Herindelingswet (en daarmee het besluit van 18 september 2001). De uitspraken van de Afdeling hebben uitsluitend betrekking op verknooptheid met algemeen verbindende voorschriften. Of de Afdeling ook in een geval als het onderhavige tot de conclusie zou komen dat geen beroep openstaat, kan uit deze uitspraken niet worden afgeleid. Ook de wetsgeschiedenis van de Awb geeft geen steun voor verweerders standpunt. De consequenties van verknooptheid van een besluit met een onderliggende wet in formele zin zijn in de wetsgeschiedenis niet aan de orde gesteld. Verweerder heeft het bezwaar van eiser ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard. Gegrond beroep. De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, verweerder. mrs. F.J. Verbeek, E.J.M. Heijs, I.L. de Graaf

Rechters

In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.

Advocaten

  • E.J. Daalder
  • N.S.J. Koeman

In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.

Partijen

  • de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

    verweerder · overheid

Overheidspartijen

  • de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

    verweerder

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.