Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2002:AF1334

Rechtbank 's-Gravenhage · 10-10-2002 · zaaknummer AWB 01/68142 OVERIN

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 04-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Vtv klemmende redenen van humanitaire aard / medische behandeling. Eiseres is een Marokkaanse. Eiseres heeft een aanvraag gedaan om verlening van een vtv bij moeder dan wel om klemmende redenen van humanitaire aard. Eiseres is een vtv met als doel medische behandeling verleend. Daartegen heeft eiseres bezwaar gemaakt en heeft vervolgens gevraagd om een vtv zonder beperkingen. Dat beroep is gegrond verklaard. Het onderhavige beroep richt zich zowel tegen de bestreden beschikking die is genomen na de eerdere rechterlijke uitspraak, als tegen de beslissing tegen de niet-verlenging van de geldigheidsduur van de vtv met als doel medische behandeling. Tijdens de opnieuw opengevallen bezwaarfase is de Vw 2000 in werking getreden. Verweerder kon zich in redelijkheid op het standpunt stellen dat de geldigheidsduur van de verleende vergunning niet verlengd hoefde te worden. Verweerder heeft zich terecht op het standpunt gesteld dat het onder de Vw niet mogelijk is om een verblijfsvergunning zonder enige beperking te verlenen. Voor verweerders stelling dat eiseres de beperking dient aan te geven waaronder zij de verblijfsvergunning verleend wenst te zien, is geen enkele wettelijke basis. Mede gezien de omstandigheid dat een eerder beroep van eiseres in deze zaak gegrond is verklaard, ligt het op de weg van verweerder om de aanvragen van eiseres te toetsen aan een bestaande beperking als neergelegd in artikel 3.4, eerste lid Vb 2000, dan wel gebruik te maken van de in artikel 3.4, derde lid Vb 2000 gegeven bevoegdheid. Het beroep is eveneens gegrond met betrekking tot de toepassing van artikel 8 EVRM. Het standpunt dat geen sprake is van inmenging in het familieleven tussen eiseres en haar moeder kan de rechterlijke toetsing niet doorstaan. Volgens vaste jurisprudentie van de ABRS is geen sprake van inmenging indien de bestreden beschikking er niet toe strekt een verblijfstitel op grond van de Vw 2000 te ontnemen, die betrokkene tot uitoefening van het familie- en gezinsleven hier te lande in staat stelde. Er is niet- zoals verweerder in de onderhavige procedure onder verwijzing naar hoofdstuk B2/13.2.2 Vc 2000 heeft gesteld - slechts sprake van inmenging als de in te trekken of niet te verlengen verblijfstitel is verleend met het oogmerk (mede) het familie- en gezinsleven mogelijk te maken. Ook als dat oogmerk niet in de statusverlening besloten lag, maar betrokkene daardoor feitelijk wel in staat was het gezinsleven uit te oefenen, zal (in het algemeen) bij intrekking of niet-verlenging van een verblijfstitel van inmenging in het recht op respect voor het gezinsleven sprake zijn. Beroep gegrond.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.

Partijen

  • Staatssecretaris van Justitie

    verweerder · overheid

Overheidspartijen

  • Staatssecretaris van Justitie

    verweerder

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.