Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2002:AF1217

Rechtbank 's-Gravenhage · 15-08-2002 · zaaknummer AWB 49/12500, 49/12499

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 04-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Verlenging vtv minderjarigen / verschoonbare termijnoverschrijding / mvv. Eiseressen zijn als minderjarigen in het kader van gezinshereniging naar Nederland gekomen. Tussen partijen is niet in geschil dat eiseressen vanaf hun komst naar Nederland tot hun twaalfde verjaardag beschikten over een vtv. Zij hadden geen eigen verblijfsdocumenten maar in het verblijfsdocument van de vader was vermeld „Tevens geldig voor de inwonende kinderen die jonger zijn dan 12 jaar“. Toen eiseressen respectievelijk 12,5 en ruim 14,5 jaar oud waren, zijn namens hen zelfstandige aanvragen ingediend. Verweerder heeft deze aanvragen als aanvragen om eerste toelating aangemerkt en deze buiten behandeling gesteld omdat eiseressen niet in het bezit waren van een mvv. Eiseressen stellen zich op het standpunt dat ten gevolge van omstandigheden die hun niet zijn toe te rekenen, zij niet tijdig de aanvragen hebben kunnen indienen. De vader heeft zijn vergunning tot tweemaal toe verlengd in de veronderstelling dat deze verlenging ook gold voor zijn kinderen. De vreemdelingendienst heeft hem niet geïnformeerd over de noodzaak om voor eiseressen zelfstandige vergunningen aan te vragen. Verweerder zegt dat de vreemdelingendienst een dergelijke meldplicht niet heeft en dat het voor verantwoordelijkheid van de vreemdelingen komt om tijdig te verlengen. De rechtbank concludeert dat in hoofdstuk A4/6.13.2 Vc 1994 blijkt dat verweerder de vreemdeling erop moet wijzen dat het van belang is om de vergunning tijdig te verlengen. Derhalve draagt verweerder verantwoordelijkheid dienaangaande. Dit blijkt ook uit de kamerstukken die betrekking hebben op de consequentie van het niet tijdig verlengen van de verblijfsvergunning (TK 1998-1999, 19 637, nr. 381, p. 8). In deze kamerstukken staat dat van de overheid ook inspanningen mogen worden verwacht en dat de overheid bij afgifte van vergunningen en drie maanden voor afloop van de geldigheidsduur op het belang van een tijdige verlenging moet wijzen. Hoewel de toezegging niet expliciet ziet op de situatie dat vreemdelingen zelfstandig hun vergunning dienen te verlengen in verband met het bereiken van de twaalfjarige leeftijd, kan naar het oordeel van de rechtbank op grond van genoemde passage uit de parlementaire geschiedenis een verantwoordelijkheid aan de zijde van het bestuursorgaan worden aangenomen voor althans enige vorm van informatievoorziening. Het besluit is in strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel en het motiveringsbeginsel genomen. Beroep gegrond.

Rechters

Advocaten

  • D.M. de Boer
  • I. ONTSTAAN EN LOOP VAN HET
  • M.C.G.G. van Hoek

In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.

Partijen

  • Staatssecretaris van Justitie

    verweerder · overheid

Overheidspartijen

  • Staatssecretaris van Justitie

    verweerder

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.