Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2002:AE7529

Rechtbank 's-Gravenhage · 25-03-2002 · zaaknummer AWB 02/17753 VRONTN A R12 G14 S4, 02/17827

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 04-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Bewaring / uitzetting. De vreemdeling stelt zich op het standpunt dat de bewaring opgeheven dient te worden. Redengevend daartoe is onder meer dat de voorgenomen uitzetting van de vreemdeling zijn recht op het uitoefenen van een familieleven, zoals neergelegd in artikel 8 EVRM onmogelijk maakt. In dit verband heeft de vreemdeling erop gewezen dat verweerder de op dit verdragsartikel gebaseerde bezwaren tegen de beschikking van 29 september 1999, waarbij de vreemdeling ongewenst was verklaard, bij beschikking van 5 februari 2001 gegrond heeft verklaard. De rechtbank stelt vast dat de vreemdeling in het bezit is geweest van een vtv onder de beperking verblijf bij partner. Na zijn scheiding heeft de vreemdeling een verlengingsverzoek ingediend. Voornoemd verzoek is echter te laat ingediend en de aanvraag is door verweerder buiten behandeling gesteld. De voorlopige voorziening is door de voorzieningenrechter bij uitspraak van 25 oktober 1999 afgewezen. Met toepassing van het toenmalige artikel 33b Vw is het bezwaar ongegrond verklaard. Deze uitspraak is onherroepelijk geworden. De vreemdeling heeft derhalve geen rechtmatig verblijf hier te lande. De rechtbank overweegt dat aanspraken van de vreemdeling op artikel 8 EVRM dienen te worden vastgesteld in het kader van de procedure ter vaststelling van het recht van de vreemdeling op toelating hier te lande. Die procedure is daartoe aangewezen en het meest geschikt. De bescherming die artikel 8 EVRM aan een vreemdeling biedt, gaat niet zover dat niet mag worden verlangd dat de vreemdeling zijn aanspraken op dit verdragsartikel maakt in de daartoe voorgeschreven procedure. De vreemdeling heeft in casu geen verzoek om toelating gedaan, zodat ervan moet worden uitgegaan dat de vreemdeling zijn eventuele aanspraken op artikel 8 EVRM niet geldend wil maken. De voorgenomen uitzetting komt derhalve niet met dit verdragsartikel in strijd. Beroep ongegrond.

Advocaten

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.