ECLI:NL:RBSGR:2002:AE7224
Rechtbank 's-Gravenhage · 26-06-2002 · zaaknummer AWB 01/7805, 01/7847 OVERIO
Inhoudsindicatie
Voortgezet verblijf / criminele antecedenten / artikel 8 EVRM. Eiser is vanaf 1991 in Nederland en is van november 1995 tot augustus 1998 en van december 1998 tot december 1999 in het bezit geweest van een vtv voor verblijf bij Nederlandse partner. Uit de relatie tussen eiser en zijn partner is een kind geboren. Eiser is in 1995 strafrechtelijk veroordeeld tot 180 uren onbetaalde arbeid ten algemene nutte. Eiser komt niet in aanmerking voor een vtv voor voortgezet verblijf, noch voor een vtv op grond van TBV 1999/23, mede op grond van zijn criminele antecedent. Wél is er sprake van schending van artikel 8 EVRM, omdat in het kader van de belangenafweging ingevolge lid 2 van dit artikel in casu meer gewicht toekomt aan het belang van eiser dan aan dat van verweerder. Er is sprake van een 'Berrehab-situatie': jong kind, regelmatig contact, (niet vastgelegde) omgangsregeling en (niet vastgelegde) financiële bijdrage. Criminele antecedenten maken dit niet anders; eiser is hiervoor licht gestraft en bovendien heeft verweerder het er in 1995 niet van weerhouden eerste verblijf aan eiser toe te staan. Beroepen gegrond.
Rechters
Advocaten
- C.M. Bergman
- I. PROCESVERLOOP
- J.M. Niemer
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
Staatssecretaris van Justitie
verweerder · overheid
Overheidspartijen
Staatssecretaris van Justitie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
