ECLI:NL:RBSGR:2002:AE6259
Rechtbank 's-Gravenhage · 21-06-2002 · zaaknummer AWB 01/7392 OVERIO
Inhoudsindicatie
Witte-illegalenbeleid / valse documenten. Eiser heeft een aanvraag gedaan op grond van TBV 1999/23. Eiser heeft gewerkt met gebruikmaking van een valse vestigingsvergunning en een valse verklaring ex artikel 3 WABW. Hiervan is geen proces-verbaal opgemaakt. Dit is volgens eiser een vereiste ingevolge de uitlating van de staatssecretaris in het algemeen overleg (AO) van de vaste commissie voor Justitie van de Tweede Kamer met de staatssecretaris van Justitie op 28 september 1999, zodat de aanvraag ten onrechte is afgewezen. Verder betoogt eiser dat hij de valse documenten slechts heeft gebruikt om aan een baan te komen en niet om jegens verweerder een schijn van legaliteit te wekken. Het document is dus niet gebruikt in een toelatingsprocedure. De rechtbank heeft in deze zaak schriftelijk vragen gesteld aan verweerder. De rechtbank overweegt met inachtneming van de antwoorden van verweerder en het commentaar van eiser het volgende. De rechtbank moet uitgaan van de gewone, in het algemene bestuursrecht geldende bewijsregels. Weliswaar heeft de staatssecretaris in het AO opgemerkt dat van het gebruik van valse documenten door het bevoegde gezag proces-verbaal moet zijn opgemaakt, maar deze opmerking maakt geen onderdeel uit van het (gepubliceerde) beleid en kan ook niet worden beschouwd als een nadere invulling daarvan, gelet op het feit dat een daarmee overeenstemmende bestendige beslissingspraktijk gesteld noch gebleken is. Eiser heeft door middel van gebruikmaking van valse documenten gewerkt. Hierdoor is een schijn van legaliteit gewekt. De vraag resteert of deze documenten gericht waren, of kunnen zijn, op toelating. Bij de vorige regularisatierondes gold het gebruik maken van valse documenten om 'wit' werk te verkrijgen logischerwijs als contra-indicatie; het gedurende zes jaar 'wit' gewerkt hebben was de belangrijkste voorwaarde voor toelating. Nu eiser destijds ook een beroep heeft gedaan op de vorige witte-illegalenregeling (TBV 1995/1) heeft verweerder terecht kunnen besluiten dat dit relevant is voor de onderhavige procedure; eiser heeft in de vorige regularisatieronde een beroep moeten doen, en ook gedaan, op zijn werkverleden. De aan de opbouw van dat werkverleden ten grondslag gelegen valse documenten zijn derhalve gericht geweest op toelating. Beroep ongegrond.
Rechters
Advocaten
- I. PROCESVERLOOP
- K. van Koutrik
- O.J. Elbertsen
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
Staatssecretaris van Justitie
verweerder · overheid
Overheidspartijen
Staatssecretaris van Justitie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
