ECLI:NL:RBSGR:2002:AE1948
Rechtbank 's-Gravenhage · 11-04-2002 · zaaknummer AWB 02/21877
Inhoudsindicatie
Amv / bezwaar / schorsende werking. De voorzieningenrechter is van oordeel dat niet valt in te zien dat aan een ambtshalve genomen besluit wezenlijk andere rechtsgevolgen zouden moeten kleven dan wanneer een inhoudelijk gelijk besluit op uitdrukkelijke aanvraag daartoe wordt genomen, nog daargelaten de vraag of verzoeksters asielaanvraag in casu niet als een impliciete aanvraag om verlening van een verblijfsvergunning op grond van het amv-beleid moet worden beschouwd, ook uit oogpunt van het strikte, althans strikt bedoelde onderscheid tussen asiel en regulier is de door verweerder kennelijk voorgestane mengvorm niet begrijpelijk. De voorzieningenrechter oordeelt dat verzoekster het bezwaar tegen de ambtshalve weigering een verblijfsvergunning amv te verlenen schorsende werking heeft. Echter, nu verweerder zich op het standpunt stelt dat een ingediend bezwaarschrift als in het onderhavige geval aan de orde is, geen schorsende werking heeft en de voorzieningenrechter het van belang acht dat verzoekster de behandeling van het bezwaarschrift hier te lande mag afwachten, ziet de voorzieningenrechter aanleiding het verzoek om voorlopige voorziening toe te wijzen, temeer om onzekerheid voor verzoekster te voorkomen.
Rechters
Advocaten
- H.C.M.G. Dietz
- L.J.J. Stams
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
