Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2002:AE1357

Rechtbank 's-Gravenhage · 06-02-2002 · zaaknummer AWB 01/20225, e.v.

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 04-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Rusland / joden / discriminatie. Verzoekers zijn afkomstig uit C en hebben vanwege verzoeksters joodse afkomst te maken met discriminatie door leden van de Russische Nationale Eenheid (RNE). Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is de beoordeling van verweerder onvoldoende draagkrachtig gemotiveerd. Hierbij is van belang dat verschillende van de overgelegde documenten duiden op onwelwillendheid aan de zijde van de autoriteiten. Verweerders overweging dat uit de overgelegde documenten geen onwelwillendheid bij de autoriteiten kan worden afgeleid, wil nog niet zeggen dat het ontbreken van onwelwillendheid buiten redelijke twijfel is en dat om die reden geen enkel vermoeden kan zijn gewekt dat rechtsgrond voor toelating bestaat. Er zijn aanwijzingen dat de lokale autoriteiten niet bereid zijn verzoekster bescherming te bieden en dat door hogere autoriteiten niets is ondernomen, zodat verweerder zijn stelling dan ook nader had moeten motiveren en wellicht ook meer onderzoek had dienen te verrichten. Dit klemt te meer daar uit het ambtsbericht van 20 april 2000 blijkt dat, hoewel Rusland beschikt over een goede juridische infrastructuur en wetgeving die discriminatie strafbaar stelt, niet kan worden uitgesloten dat (lagere) autoriteiten soms onwelwillend zijn bij het bieden van bescherming. In het licht van de stukken wordt verweerders overweging dat verzoekster niet aannemelijk heeft gemaakt dat er een causaal verband bestaat tussen haar verkrachting en de eerdere gebeurtenissen op 3 juli 1999, noch dat het leden van de RNE waren die haar in de buurt van haar zomerhuis hebben verkracht, noch dat de officier van justitie de RNE het adres van haar zomerhuis heeft gegeven, evenmin gedragen door een voldoende draagkrachtige motivering. Aangezien het bezwaarschrift van verzoeker onder verwijzing naar dat van verzoekster eveneens ongegrond is verklaard, kleven aan het bestreden besluit ten aanzien van verzoeker dezelfde motiveringsgebreken als hiervoor met betrekking tot verzoekster uiteengezet. Hier komt nog bij dat verzoeker, hoewel geen jood, heeft verklaard te zijn mishandeld vanwege zijn joodse echtgenote. Dit persoonlijke element in zijn asielrelaas heeft in de afwijzing van zijn aanvraag echter ten onrechte geen enkele aandacht gekregen. De tegenwerping, in de besluiten op bezwaar, van een binnenlands vluchtalternatief is in dit stadium van de procedure zodanig nieuw, dat verzoekers in de gelegenheid hadden moeten worden gesteld om hierop te reageren. Dat dit niet is gebeurd, is onzorgvuldig. Verweerder had het vluchtalternatief bovendien beter dienen te motiveren. Gezien de verklaringen van verzoekers en in het licht van de informatie uit het ambtsbericht is verweerders stelling dat verzoekers naar aanleiding van de verkrachting van verzoekster niet in aanmerking komen voor een vtv op grond van het traumatabeleid, onvoldoende gemotiveerd. Beroep gegrond, toewijzing verzoek.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.