ECLI:NL:RBSGR:2001:AD8251
Rechtbank 's-Gravenhage · 10-12-2001 · zaaknummer AWB 01/61958 VRONTN D
Inhoudsindicatie
Bewaring / vervolgberoep. Ter beantwoording van de vraag of het beroep moet worden aangemerkt als een eerste dan wel een vervolgberoep, heeft de rechtbank zich gebogen over de vraag of de intrekking van het beroep door de gemachtigde van de vreemdeling mogelijk is. De rechtbank ziet geen aanleiding voor de conclusie dat het speciale ontstaanskarakter van het beroep ex artikel 94 Vw 2000 in de weg zou staan aan de intrekking indien dit zijdens de vreemdeling opportuun wordt geacht. De rechtbank is van oordeel dat met de intrekking een einde is gekomen aan de eerste toetsing van de bewaring. Indien de gemachtigde van de vreemdeling op basis van de door verweerder verstrekte gegevens tot de conclusie komt dat er geen belang is bij een rechterlijke toets van de oplegging of voortduring van de maatregel en het beroep daarom wordt ingetrokken, is dit niet in strijd met het in de wet verankerde beginsel van de cyclische toetsing. Met de intrekking van het beroep moet het er verder op worden gehouden dat de gemachtigde van de vreemdeling uitgaat van de rechtmatigheid van de oplegging en voortduring van de maatregel en geen prijs meer stelt op een rechterlijke toets. Het onderhavige door de gemachtigde van de vreemdeling ingestelde beroep is aan te merken als een vervolgberoep waarvoor geen wettelijke hoortermijnen gelden. Indien de bewaringsmaatregel na de intrekking nog voortduurt, is het van belang vast te stellen wanneer de volgende cyclus zoals voorzien in artikel 96 Vw 2000 een aanvang neemt. De in die bepaling genoemde termijn van 28 dagen begint immers te lopen vanaf de uitspraakdatum in het vorige beroep. In het hier aan de orde zijnde geval ontbreekt een dergelijke uitspraak. De rechtbank acht het met het oog op de rechtszekerheid het meest aangewezen om ingeval van intrekking van een beroep die intrekking voor de toepassing van artikel 96, eerste lid, Vw 2000 gelijk te stellen met een ongegrondverklaring van het beroep, zodat de datum van de intrekking uitgangspunt is voor de bepaling van de aanvang van de volgende 28 dagen termijn. Beroep ongegrond.
Rechters
Advocaten
- H.S.K. Jap-A-Joe
- M. Verweij
- R. Veerkamp
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
