ECLI:NL:RBSGR:2001:AD8051
Rechtbank 's-Gravenhage · 04-12-2001 · zaaknummer AWB 01/25868
Inhoudsindicatie
Staatloze Palestijn / bescherming UNRWA. Verzoeker valt op grond van zijn afkomst als zodanig onder de bescherming van de UNRWA. Deze bescherming brengt met zich dat verzoeker op grond van artikel 1D, eerste volzin vluchtelingenverdrag, geen beroep kan doen op het Vluchtelingenverdrag. Hoewel verzoeker zich thans feitelijk buiten het beschermingsgebied van de UNRWA bevindt, kan hij zich niet met vrucht beroepen op het bepaalde in de tweede volzin van artikel 1D vluchtelingenverdrag. Volgens vaste jurisprudentie van deze rechtbank kunnen Palestijnen niet van rechtswege onder de bescherming van het Vluchtelingenverdrag vallen, indien zij zich vrijwillig aan de bescherming van de UNRWA hebben onttrokken. Nu verzoeker destijds vrijwillig uit Libanon is vertrokken, alwaar hij kennelijk de bescherming genoot van de UNWRA, is het Vluchtelingenverdrag niet op hem van toepassing.Verweerder stelt zich derhalve terecht op het standpunt dat verzoeker niet op grond van artikel 29, eerste lid, onder a, Vw 2000, in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning. Bezwaar ongegrond, afwijzing verzoek.
Rechters
Advocaten
- A.A. Spoel
- I. ONTSTAAN EN LOOP VAN HET
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
Staatssecretaris van Justitie
verweerder · overheid
Overheidspartijen
Staatssecretaris van Justitie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
