Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2001:AD6832

Rechtbank 's-Gravenhage · 24-08-2001 · zaaknummer AWB 01/38310

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 04-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Bewaring / voorlopige maatregel van bewaring. De voorlopige maatregel van bewaring is gegeven in het kader van het in april 1998 gestarte project Vreemdeling in de Strafrechtketen (hierna: VRIS). De doelstelling van het VRIS-project is tweeërlei enerzijds om de duur van de vreemdelingrechtelijke bewaring zoveel mogelijk te bekorten door reeds in een vroeg stadium te werken aan de vaststelling van identiteit en nationaliteit zodat, na expiratie van een eventueel opgelegde straf of na opheffing van de preventieve hechtenis, sneller tot uitzetting kan worden overgegaan en anderzijds om te voorkomen dat illegale vreemdelingen na opheffing van de preventieve hechtenis wederom de illegaliteit ingaan. Anders dan het vergelijkbare artikel 19 Vw bevat artikel 50, derde lid, Vw 2000 evenwel de bevoegdheid om een staande gehouden persoon - indien zijn identiteit onmiddellijk kan worden vastgesteld en indien blijkt dat deze persoon geen rechtmatig verblijf geniet, dan wel niet onmiddellijk blijkt dat hij rechtmatig verblijf heeft - over te brengen naar een plaats bestemd voor verhoor, alwaar hij maximaal zes uren kan worden opgehouden. Deze wettelijke bepaling geeft een rechtstitel voor het vervoer van de vreemdeling na expiratie van de strafrechtelijke detentie en het horen met het oog op de uitzetting. Gedurende deze uren kan een inbewaringstelling worden voorbereid, die direct op de strafrechtelijke detentie of de preventieve hechtenis kan aansluiten. Daarbij is het, gelet op de uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State van 20 juli 2001 (nr. 200102749/1), niet noodzakelijk dat aan de toepassing van artikel 50, derde lid, Vw 2000 ook daadwerkelijk een staandehouding in de zin van het eerste lid van artikel 50 Vw 2000 voorafgaat. Nu verweerder de vreemdelingenbewaring met gebruikmaking van de hiertoe in artikel 50, derde lid, Vw 2000 neergelegde bevoegdheid direct kan laten aansluiten op de strafrechtelijke detentie of de preventieve hechtenis, is er naar het oordeel van rechtbank geen plaats meer voor toepassing van de - niet op de wet gebaseerde - voorlopige maatregel van bewaring.

Advocaten

  • M.W.W. Raspe
  • R.M.L. Theelen

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.