ECLI:NL:RBSGR:2001:AD6733
Rechtbank 's-Gravenhage · 10-05-2001 · zaaknummer AWB 01/17193
Inhoudsindicatie
Bewaring / vertrektermijn / inbewaringstelling. Namens de vreemdeling is aangevoerd dat hem na afwijzing van het verzoek om toelating als vluchteling geen tijd is gegund het land uit eigener beweging, binnen de hem gestelde vertrektermijn, te verlaten en de inbewaringstelling derhalve onrechtmatig is. De rechtbank is van oordeel dat de vreemdeling op goede gronden ingevolge artikel 59, eerste lid, Vw 2000 in bewaring is gesteld. De stelling van de raadsvrouwe dat de vreemdeling 24 uur de tijd heeft gehad om Nederland te verlaten en hij (nog) niet in bewaring kon worden gesteld, kan niet worden gevolgd. In de beschikking is vermeld dat de vreemdeling Nederland onmiddellijk diende te verlaten met de tussenvoeging 'binnen 24 uur'. Dit komt neer op een vertrektermijn van nul dagen, hetgeen conform het door verweerder ingevolge artikel 62, vierde lid, aanhef en onder a, Vw 2000 gevoerde beleid, als neergelegd in Vc 2000 C3/12.2 is. Gelet reeds op deze nuldagentermijn was de vreemdeling uitzetbaar en kon hij, met het oog op de uitzetting, in bewaring worden gesteld. Beroep ongegrond.
Rechters
Advocaten
- M.B. van den Toorn- Volkers
- M.C.G.G. van Hoek
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
