Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2001:AD5909

Rechtbank 's-Gravenhage · 26-06-2001 · zaaknummer AWB 00/62614

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 04-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

SAMENVATTING Vvtv / derdelandenexceptie. De rechtbank oordeelt dat verweerder met in het in TBV 2000/16 en werkinstructie 239 neergelegde beleid geen onredelijke beleidsinvulling heeft gegeven aan de derdelandenexceptie. Het in TBV 2000/16 en werkinstructie 239 neergelegde beleid staat niet op gespannen voet met voornoemde REK-uitspraak AWB 99/11065 van 4 mei 2000. De rechtbank kent in dit verband doorslaggevende betekenis toe aan de opmerking van verweerder ter zitting, dat de bescherming als genoemd in de tweede voorwaarde van TBV 2000/16 ook ten tijde van het nemen van de beslissing om de derdelandenexceptie tegen te werpen nog aanwezig moet zijn. Voorts is van belang dat verweerder, met name in werkinstructie 239, de bewijslast dat terugkeer niet onaannemelijk is, heeft beoogd te verdelen, en deze niet enkel bij de vreemdeling heeft gelegd. Voorafgaand aan de beantwoording van de vraag of in casu op juiste wijze toepassing is gegeven aan het in TBV 2000/16 neergelegde beleid van verweerder, dient evenwel de vraag te worden beantwoord of TBV 2000/16 mag worden tegengeworpen aan een vreemdeling die, zoals eiser, voorafgaand aan de datum van inwerkingtreding van TBV 2000/16 een aanvraag om toelating heeft gedaan. De rechtbank stelt voorop dat de REK heeft geoordeeld dat verweerder niet in redelijkheid het beleid, als verwoord in TBV 1998/30, heeft kunnen vaststellen. Hieruit volgt dat TBV 1998/30 niet meer door verweerder als beleid kan worden gehanteerd. Anders dan ter zitting door verweerder is gesteld, is de rechtbank van oordeel dat TBV 2000/16 een beleidswijziging betreft, temeer daar dat ook nadrukkelijk als zodanig in TBV 2000/16 is omschreven. De rechtbank is daarom van oordeel dat de in TBV 2000/16 neergelegde beleidswijziging niet kan worden tegengeworpen in zaken waarin de aanvraag om toelating is ingediend vóór de inwerkingtreding van TBV 2000/16, op 1 augustus 2000. De weigering om Afghaanse eiser een vvtv te verlenen wordt derhalve niet gedragen door een deugdelijke motivering. De rechtbank verklaart het beroep in zoverre gegrond.

Advocaten

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.