Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2001:AD5897

Rechtbank 's-Gravenhage · 19-06-2001 · zaaknummer AWB 00/3904

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 04-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

SAMENVATTING De mvv-aanvraag van Afghaanse vrouw en zoon vanuit Pakistan is gedaan voor verblijf bij in Nederland verblijvende Afghaanse echtgenoot en overige kinderen (en voor toelating als vluchteling). De rechtbank vernietigt het afwijzende besluit omdat verweerder ten onrechte in de belangenafweging die artikel 8 EVRM voorschrijft slechts heeft betrokken de - zwaarwegende - omstandigheid dat sprake is van een objectieve belemmering om het gezinsleven elders uit te oefenen. Uit het besluit niet blijkt of, en zo ja, in welke mate, verweerder bij zijn afweging rekening heeft gehouden met de overige bijzondere omstandigheden van het geval; een groot deel van het gezin van eiseres verblijft in Nederland op basis van een verblijfsvergunning zonder beperking, lange duur van de procedure mede doordat verweerder twee keer niet binnen de wettelijke termijnen heeft beslist, met als gevolg een lange periode van onzekerheid voor eiseres, gescheiden van haar echtgenoot en enkele van haar (jonge) kinderen. Vernietiging wegens motiveringsgebrek. De rechtbank laat de rechtsgevolgen van het besluit evenwel in stand, nu inmiddels is gebleken dat nadien door de staatssecretaris van Justitie een zogenoemd 1F-onderzoek is gestart ten aanzien van de echtgenoot van eiseres. De omstandigheid dat de verblijfsaanspraken van de referent mogelijk komen te vervallen wegens toepasselijkheid van artikel 1F van het Vluchtelingenverdrag levert voldoende grond op om op dit moment aan eiseres en haar zoon een mvv te weigeren. Er is geen grond voor mvv voor toelating als vluchteling, nu de Pakistaanse autoriteiten in de praktijk nog altijd het non-refoulementbeginsel eerbiedigen (ambtsberichten 9 mei 2000 en 6 december 2000). Beroep gegrond, afwijzing verzoek om schadevergoeding.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.

Partijen

  • Minister van Buitenlandse Zaken te ’s-Gravenhage

    verweerder · overheid

Overheidspartijen

  • Minister van Buitenlandse Zaken te ’s-Gravenhage

    verweerder

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.