Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2001:AB2357

Rechtbank 's-Gravenhage · 09-05-2001 · zaaknummer AWB 00/73202

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 04-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Mvv / hardheidsclausule / overgangsrecht. Op 1 april 2001 is de Vw 2000 in werking getreden. Het toepasselijke overgangsrecht brengt in hoofdlijnen mee dat nu het (primaire) besluit is bekendgemaakt voor 1 april 2001 zowel op de behandeling van de aanvraag en het bezwaar als ten aanzien van de mogelijkheid een rechtsmiddel aan te wenden het voor 1 april 2001 geldende recht van toepassing is. Ingevolge artikel 8:81 Awb kan de president van de rechtbank een voorlopige voorziening treffen. Bij de in het kader van artikel 8:81 Awb te verrichten toetsing zal de president zich een voorlopig oordeel vormen over de rechtmatigheid van het bestreden besluit de uitzetting gedurende de periode dat het bezwaar aanhangig is niet achterwege te laten. Dit besluit dient te worden bezien in samenhang met het besluit inzake de toelating en het daartegen gerichte bezwaar. Ingevolge artikel 16, eerste lid, onder a, en tweede lid, Vw 2000 juncto artikel 3.71, eerste lid, Vb 2000 wordt een aanvraag hiervoor afgewezen, indien de aanvrager niet beschikt over een geldige mvv. Ingevolge artikel 3.71, vierde lid, Vb 2000 kan verweerder het eerste lid buiten toepassing laten, voorzover toepassing naar zijn oordeel zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard (hardheidsclausule). De president overweegt dat ingevolge artikel 118, tweede lid, Vw 2000 het voor 1 april 2001 geldende recht van toepassing op de behandeling van een bezwaarschrift tegen een besluit op grond van de Vw dat is bekendgemaakt voor genoemd tijdstip van inwerkingtreding van de Vw 2000 blijft. Ten aanzien van het toepasselijke recht miskent verweerder naar het oordeel van de president dat de Vw 2000 ook ten aanzien van de buitenbehandelingstelling van een aanvraag niet een overgangsrechtelijke bepaling kent met een andere strekking. Het karakter van de buitenbehandelingstelling brengt onder meer met zich dat wijzigingen in de situatie zoals ontbrekende gegevens en bescheiden die na het nemen van het primaire besluit alsnog zijn overgelegd niet tot de wijzigingen behoren die bij de heroverweging ingevolge artikel 7:11 Awb bij het nemen van de beslissing op bezwaar in aanmerking moeten worden. Zulks kan echter, behoudens uitdrukkelijke overgangsrechtelijke bepaling, niet gelden voor een wijziging in de bevoegdheid als thans aan de orde. Het naar het voorlopig oordeel van de president onjuiste standpunt van verweerder inzake het toepasselijke recht behoeft in het onderhavige geval niet te leiden tot het oordeel dat de gevraagde voorziening reeds om die reden zou moeten worden toegewezen. Krachtens het nieuwe recht is verweerder gehouden een aanvraag af te wijzen, tenzij de aanvrager in een vrijstellingscategorie valt dan wel indien verweerder gehouden zou zijn toepassing te geven aan de hardheidsclausule. Vergelijking met de hardheidsclausule in artikel 16a, zesde lid, Vw leert dat de strekking van deze bevoegdheden van verweerder, voor zover hier relevant, gelijk is en dat de toetsingsruimte voor de rechter van een besluit ingevolge artikel 3:71, vierde lid, Vb 2000 in elk geval niet groter is dan voorheen gold ten aanzien van artikel 16a, zesde lid, Vw. Voorts overweegt de president dat de door Turkse verzoeker aangevoerde gronden alle asielgerelateerd zijn. Gezien de systematiek van Vw 2000 heeft de wetgever uitdrukkelijk beoogd aanvragen voor een verblijfsvergunning op reguliere gronden en asielaanvragen van elkaar te scheiden. Verweerder heeft blijk gegeven van een naar het oordeel van de president onjuiste opvatting over de toepasselijke bevoegdheid derhalve zou doorpakken in strijd komen met aard en strekking van artikel 33b Vw. Afwijzing verzoek.

Advocaten

  • I. ONTSTAAN EN LOOP VAN HET
  • J.G. Bijkerk
  • Y. Thissen

In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.

Partijen

  • Staatssecretaris van Justitie

    verweerder · overheid

Overheidspartijen

  • Staatssecretaris van Justitie

    verweerder

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.