Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBSGR:2000:AB0319

Rechtbank 's-Gravenhage · 18-12-2000 · zaaknummer AWB 00/3885

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 04-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Driejarenbeleid / vodu-procedure. Voor zover het al mogelijk en wenselijk geacht moet worden om in retrospectief en fictief vast te stellen of een verzoek om een voorlopige voorziening op een bepaald moment zou zijn toegewezen, is het in elk geval in casu niet evident dat een verzoek om een voorlopige voorziening zou zijn toegewezen in verband met de door de rechtbank Zwolle op 7 juli 1997 en de door de rechtbank 's-Hertogenbosch op 16 juli 1997 gestelde vragen met betrekking tot de situatie van Tamils. Achter de uitspraak d.d. 22 augustus 1997, waarbij het beroep van eiser heropend wordt in verband met deze vragen, bevindt zich een brief aan het kantoor van de landsadvocaat d.d. 16 juli 1997, waarin de griffier aangeeft dat de fungerend president aanleiding heeft gezien het onderzoek in een aantal in juni 1997 ter zitting behandelde verzoeken om een voorlopige voorziening te heropenen in verband met de door de rechtbank Zwolle gestelde vragen en de vragen die de president daar zelf nog aan heeft toegevoegd. Derhalve is niet onaannemelijk dat ook een door eiser ingediend verzoek niet zou zijn toegewezen, maar dat enkel het onderzoek in die zaak heropend zou zijn en dat, gelet op het jurisprudentiële vervolg op de gestelde vragen, het verzoek daarna zou zijn afgewezen, net zoals het onderzoek in de beroepszaak is heropend en het beroep ongegrond is verklaard. De rechtbank volgt eiser niet in zijn stelling dat, gelet op het feit dat het beroep niet binnen zes maanden behandeld is en verweerder daar ook niet op aangedrongen heeft, de tijd dat het beroep aanhangig is geweest als relevant tijdsverloop moet worden aangemerkt, daar geen aanknopingspunten bestaan voor de conclusie dat verweerder door niet aan te dringen op spoedige appointering van het beroep de indruk heeft gewekt dat sprake was van beleidsmatige redenen om eiser niet uit te zetten. Beroep ongegrond.

Advocaten

  • I. Vreeken
  • R.P. den Otter

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.