ECLI:NL:RBSGR:2000:AB0124
Rechtbank 's-Gravenhage · 28-12-2000 · zaaknummer AWB 00/73814
Inhoudsindicatie
Bewaring / hoorplicht. Uit artikel 34a, tweede lid, Vw volgt dat de vreemdeling uiterlijk twee weken nadat het beroepschrift door de rechtbank is ontvangen in persoon dient te worden gehoord. In casu is het beroepschrift door de rechtbank ontvangen op 6 december 2000. De vreemdelinge had derhalve uiterlijk op 20 december 2000 moeten worden gehoord. Omdat de vreemdelinge niet is aangevoerd, is besloten het horen van de vreemdelinge ter zitting te verdagen naar 28 december 2000, derhalve na het verstrijken van de wettelijke termijn van 14 dagen. De rechtbank is hierbij van oordeel dat geen sprake is geweest van een situatie van overmacht. De bewaring moet dan ook onrechtmatig worden geacht met ingang van de datum na die waarop de vreemdelinge uiterlijk had dienen te worden gehoord, te weten 21 december 2000. Volgt gegrondverklaring beroep en toekenning schadevergoeding.
Rechters
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
