ECLI:NL:RBSGR:2000:AA9256
Rechtbank 's-Gravenhage · 15-11-2000 · zaaknummer AWB 00/809
Inhoudsindicatie
Hoewel er naar het oordeel van de rechtbank in de onderhavige zaak sprake is van familie- of gezinsleven, kan van inmenging niet gesproken worden, nu de weigering eiser verblijf in Nederland toe te staan er niet toe strekt hem een verblijfstitel te ontnemen die hem tot uitoefening van dit familieleven in Nederland in staat stelde. Ten aanzien van de vraag of er op verweerder een positieve verplichting rust, dient (onder meer) te worden beoordeeld of voor eiser en zijn in Nederland verblijvende echtgenote de toelating van eiser in Nederland de enige mogelijkheid is voor het ontwikkelen van hun “family life” en meer in het bijzonder of het uitoefenen van het gezinsleven ook in het land van herkomst (Noord-Irak) mogelijk is. Op basis van de beschikbare gegevens kan deze vraag niet worden beantwoord. Verweerder heeft de rechtbank niet duidelijk kunnen maken of er al dan niet een beletsel is voor de echtgenote van eiser om het gezinsleven in Noord-Irak uit te oefenen. Verweerder heeft bij de voorbereiding van de bestreden beschikking niet de nodig zorgvuldigheid in acht genomen en verweerder is tekort geschoten in zijn motiveringsplicht. Verweerder had meer informatie moeten verzamelen teneinde te kunnen beoordelen of sprake was van een positieve verplichting ex artikel 8 EVRM. Strijd met artikel 3:2 Awb. Beroep (deels) gegrond.
Rechters
Advocaten
- F. Heus
- H.J. van Balen
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
