ECLI:NL:RBSGR:2000:AA9214
Rechtbank 's-Gravenhage · 23-10-2000 · zaaknummer AWB 99/6016
Inhoudsindicatie
Bekendmaking besluit / onbekend adres. Primair besluit strekkende tot intrekking vestigingsvergunning is, ter bekendmaking, verzonden naar het laatst bekende adres van eiser, alwaar hij, naar verweerder wist, reeds 18 maanden niet meer woonachtig was. Eiser wordt niet ontvangen in zijn bezwaar, omdat dat laattijdig zou zijn gemaakt. Ten tijde van de verzending stond reeds op voorhand vast dat het besluit aan eiser niet bekend zou raken. Een dergelijke verzending kan naar het oordeel van de rechtbank dan ook niet worden aangemerkt als een rechtsgeldige bekendmaking van het besluit aan eiser. De rechtbank wijst er voorts op dat in het tweede lid van artikel 3:41 van de Awb een regeling is gegeven voor de gevallen dat bekendmaking niet kan geschieden door toezending of uitreiking als bedoeld in het eerste lid. Blijkens de parlementaire geschiedenis van dit tweede lid is hiermee onder meer beoogd een regel te geven voor het geval de gewone bekendmaking door toezending of uitreiking aan de belanghebbende(n) niet mogelijk is, bijvoorbeeld omdat diens identiteit of adres onbekend is. De rechtbank stelt vast dat het tweede lid van artikel 3:41 van de Awb bij uitstek een regeling geeft voor de bekendmaking van een besluit in een geval als het onderhavige. Verweerder heeft het primaire besluit echter niet op andere geschikte wijze bekend gemaakt. Aan voorgaande conclusie kan naar het oordeel van de rechtbank niet afdoen dat eiser de verplichtingen van de artikelen 66 van de Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens en 57 van het Vreemdelingenbesluit, op grond waarvan hij een adreswijziging bij respectievelijk het gemeentebestuur en de korpschef dient te melden, niet is nagekomen. Uit het voorgaande volgt dat de rechtbank het standpunt van verweerder dat er een rechtsgeldige bekendmaking in de zin van artikel 3:41 van de Awb heeft plaatsgevonden omdat deze in overeenstemming is met onderdeel A4/10.1.3.1 van de Vc-1994, niet volgt. Deze (wetsinterpreterende) beleidsregel, welke hierboven is aangeduid, verdraagt zich in een geval als het onderhavige niet met artikel 3:41 van de Awb en dient dan ook buiten toepassing te blijven. Bezwaar niet tardief, beroep gegrond.
Rechters
Advocaten
- K.F.J.P. Klep
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
