ECLI:NL:RBROT:2020:2124
Rechtbank Rotterdam · 12-03-2020 · zaaknummer ROT 19/3015
Inhoudsindicatie
De Svb heeft de gemachtigde van eisers bij brief van 5 april 2009 onder verwijzing naar het bezwaarschrift van 10 januari 2019 verzocht mee te delen of de Svb deze mede gericht moeten achten tegen de eindigingsbeslissing (lees: het intrekkingsbesluit). Bij brief van 17 april 2019 heeft de gemachtigde van eisers de Svb bericht dat – zoals uit het bezwaarschrift blijkt – het bezwaarschrift tevens geacht te moeten zijn gericht tegen de eindigingsbeslissing (lees: het intrekkingsbesluit). Volgens verweerder blijkt hieruit dat eisers het intrekkingsbesluit hebben ontvangen. Met verweerder is de rechtbank van oordeel dat de brief van de gemachtigde van eisers van 17 april 2019 een handeling is waaruit volgt dat eisers het intrekkingsbesluit wel moeten hebben ontvangen.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[Eiseres]
eiseres · onbekend
[eiseres]
eiseres · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
