ECLI:NL:RBROT:2019:752
Rechtbank Rotterdam · 30-01-2019 · zaaknummer 96/256505-17
Inhoudsindicatie
Volgens de tenlastelegging zou de gasolie in de bunkertanks van een binnenvaartschip aan de accijns zijn onttrokken, omdat het gehalte aan kleurstof (Solvent Yellow 124) lager was dan voorgeschreven. De verdediging stelt terecht dat de verdachte geen invloed had op de samenstelling van de gebunkerde gasolie. Gebleken is dat gasolie bij Nederlandse bunkerstations niet in alle gevallen voldoende kleurstof bevat. Over de samenstelling van gasolie bij Belgische bunkerstations is geen informatie voorhanden. Onder deze omstandigheden is niet uit te sluiten dat op legale wijze gasolie is gebunkerd die niet voldeed aan de eisen met betrekking tot het Solvent Yellow 124-gehalte. Volgt vrijspraak van het primair ten laste gelegde feit (conform de eis van de officier van justitie). Het subsidiair ten laste gelegde feit (niet kunnen tonen van bescheiden van herkomst van de gasolie) is zo onduidelijk omschreven, dat de dagvaarding in zoverre nietig wordt verklaard.
Advocaten
Officier van justitie
- P. van de Kerkhof
officier van justitie
Partijen
[naam verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
