ECLI:NL:RBROT:2017:3582
Rechtbank Rotterdam · 12-05-2017 · zaaknummer ROT 16/5891
Inhoudsindicatie
Einduitspraak na tussenuitspraak ECLI:NL:RBROT:2017:1597. Artikel 19a, eerste lid, aanhef en onder c, van de Pw bevat geen bijzondere regeling voor het geval er een familierechtelijke relatie bestaat tussen een medebewoner en de persoon met wie de belanghebbende een commerciële huurrelatie heeft. Het bepaalde in het per 1 januari 2016 geldende artikel 19a, eerste lid, aanhef en onder c, van de Pw is geen uitzondering op, maar maakt onderdeel uit van de definitie van het begrip kostendelende medebewoner.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam
verweerder · overheid
Overheidspartijen
het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
