ECLI:NL:RBROT:2016:6430
Rechtbank Rotterdam · 17-08-2016 · zaaknummer C/10/495728 / HA ZA 16-192
Inhoudsindicatie
Internationale bevoegdheid. Bevoegdheidsincident. Rechtsmacht. Relatieve bevoegdheid. In haar eerste vonnis in het bevoegdheidsincident heeft de rechtbank zich onbevoegd verklaard voor zover de vordering in de hoofdzaak een contractuele grondslag heeft. Vervolgens is aan deze vordering een subsidiaire grondslag toegevoegd, namelijk ongerechtvaardigde verrijking/onrechtmatige daad. De rechtbank verklaart zich in het laatste vonnis in het bevoegdheidsincident wat deze subsidiaire grondslag betreft wél bevoegd, zij het uitsluitend voor zover het schadebrengende feit zich heeft voorgedaan binnen het rechtsgebied van deze rechtbank in de zin van artikel 102 Rv. Rolverwijzing voor conclusie van antwoord in de hoofdzaak.
Rechters
Advocaten
- G.K. Sluiter
- M.A.D. Bol
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
