ECLI:NL:RBROT:2013:BZ4635
Rechtbank Rotterdam · 14-03-2013 · zaaknummer DOR 12/947
Inhoudsindicatie
Met betrekking tot de schadevergoeding wegens schending van artikel 6 van het EVRM, overweegt de rechtbank dat de in geding zijnde maatregel is aan te merken als een punitieve sanctie. Daarom is uitgangspunt dat de duur van de procedure in beginsel niet langer dan vier jaar mag bedragen. In dit geval is de termijn aangevangen met de brief van 4 maart 2009, waarmee eiseres in kennis is gesteld van verweerders voornemen tot oplegging van de sanctie. Gelet op de datum van de uitspraak van deze rechtbank is de termijn dus slechts in zeer geringe mate overschreden. Deze geringe overschrijding heeft, mede gelet op de hoogte van de opgelegde sanctie - € 150,00 - en gelet op hetgeen de rechtbank in haar uitspraak van heden in zaaknummer: DOR 12/984 heeft overwogen, tot gevolg dat voor matiging van de sanctie geen aanleiding is.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
