ECLI:NL:RBROT:2012:BY6598
Rechtbank Rotterdam · 05-12-2012 · zaaknummer 10/650094-09 en 24/000703-09
Inhoudsindicatie
Beslissing op vordering tot uitstel van de voorwaardelijke invrijheidstelling (VI). De vordering van het openbaar ministerie is tijdig ingediend als bedoeld in art. 15d lid 6 Sr. De officier van justitie is ontvankelijk in haar vordering. De eerste grond om tot afstel van de voorwaardelijke invrijheidstelling over te gaan (ernstige misdraging na aanvang van de tenuitvoerlegging van de straf ex art. 15d lid 1 sub b Sr) is onvoldoende, althans onvoldoende helder onderbouwd. Ten aanzien van de tweede grond overweegt de rechtbank dat het recidiverisico voor misdrijven op dit moment onvoldoende kan worden ingeperkt door het stellen van bijzondere voorwaarden als bedoeld in art. 15d lid 1 sub d Sr. Het geheel achterwege laten van de voorwaardelijke invrijheidstelling acht de rechtbank echter niet wenselijk. Het achterwege laten van de voorwaardelijke invrijheidstelling zal daarom gedeeltelijk worden toegewezen. De voorwaardelijke invrijheidstelling wordt uitgesteld voor een periode van 4 maanden.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
- M.F.A. van Pelt
- S. Tissen
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
