ECLI:NL:RBROT:2012:BV8853
Rechtbank Rotterdam · 09-03-2012 · zaaknummer 10/765051-05
Inhoudsindicatie
De rechter-commissaris heeft met het hanteren van het noodzaakcriterium een onjuiste toets aangelegd bij de beoordeling van het verzoek van de verdachte. De rechtbank is van oordeel dat de wetgever met de ruime formulering van artikel 208 Sv kennelijk de bedoeling heeft gehad dat de getuige(n) die de verdachte wenst te horen door de rechter-commissaris moet(en) worden gehoord, mits de verdachte daarbij een rechtens relevant belang heeft. Dit voor zover het aantal te horen getuigen de redelijke grenzen niet overschrijdt. Het bezwaar wordt gegrond verklaard.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
