ECLI:NL:RBROT:2011:BU6927
Rechtbank Rotterdam · 06-12-2011 · zaaknummer 10/960263-10
Inhoudsindicatie
Verdachte wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf van 28 maanden, waarvan 8 maanden voorwaardelijk, voor het bewerken/verwerken van een forse hoeveelheid cocaïne. Verweer van de raadsvrouw strekkende tot bewijsuitsluiting wegens het zwijgen van de officier van justitie omtrent welke feiten of omstandigheden hem aanleiding hebben gegeven een onderzoek te starten tegen een medeverdachte wordt verworpen. Ook in de fase van de pre-opsporing is de officier van justitie, gelet ook op het opportuniteitsbeginsel, bevoegd om autonoom op te treden. Onder dit optreden valt ook het aan opsporingsambtenaren opdracht geven onderzoek te verrichten om te komen tot een verdenking ex artikel 27 van het Wetboek van Strafvordering. Ook worden er overwegingen gewijd aan het medeplegen, of de bewerkte stof daadwerkelijk cocaïne betrof en of het ‘tapen’ van de cocaïne onder ‘bewerken/verwerken’ valt. LJ-nummer medeverdachte: BU6929.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
- S.M. Krans
Partijen
[verdachte 1]
verdachte · onbekend
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
