ECLI:NL:RBROT:2006:AX2482
Rechtbank Rotterdam · 12-05-2006 · zaaknummer 10-601189-05
Inhoudsindicatie
De rechtbank verwerpt het verweer van de raadsman dat verdachte geen strafbare voorbereidingshandelingen heeft begaan, omdat uit onderzoek door de douane is gebleken dat de container waarop de handelingen van verdachte waren gericht geen verdovende middelen bevatte. Naar het oordeel van de rechtbank is reeds strafbaar het uiting geven aan de intentie om cocaïne in te voeren door het plegen van daarop gerichte voorbereidings- of bevorderingshandelingen. Het resultaat van die handelingen doet daaraan niet af. Door de verdediging is tevens het standpunt ingenomen dat de handelingen van verdachte niet waren gericht op de voorbereiding van invoer van cocaïne, aangezien de betreffende containers reeds in Nederland waren gearriveerd. De rechtbank overweegt daartoe dat artikel 1 lid 5 van de Opiumwet bepaalt dat onder het binnen het grondgebied van Nederland brengen van drugs ook is begrepen elke op het verder vervoer, de opslag, de aflevering, ontvangst of overdracht gerichte handeling met betrekking tot de drugs die reeds binnen het grondgebied van Nederland zijn gebracht.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
