ECLI:NL:RBROT:2003:AI0300
Rechtbank Rotterdam · 22-07-2003 · zaaknummer 10/150051-03
Inhoudsindicatie
Aan verdachte is ten laste gelegd de ‘gewone invoer’ van een hoeveelheid hasjiesj “en/of” de invoer als bedoeld in artikel 1 lid 4 van de Opiumwet. De rechtbank is van oordeel het woord “en” in de zinsnede ”en/of” een wijze van tenlastelegging oplevert waardoor twee elkaar uitsluitende delictomschrijvingen onder hetzelfde feit zijn gebracht. In zoverre is de tenlastelegging innerlijk tegenstrijdig en dient deze partieel te worden nietig verklaard. De rechtbank is voorts van oordeel dat de steller van de tenlastelegging met het woord ‘of’ in de zinsnede “en/of” heeft bedoeld aan te geven primair de gewone invoer ten laste te leggen en subsidiair de invoer als bedoeld in artikel 1 lid 4 van de Opiumwet.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
