ECLI:NL:RBROT:2001:AB6591
Rechtbank Rotterdam · 09-08-2001 · zaaknummer MEDED 99/1836-SIMO
Inhoudsindicatie
Het uit veiligheids- en privacyoverwegingen aangewezen zijn op gebruik van een postbus brengt niet mee dat er sprake is van een belang dat zich in rechtens relevante mate onderscheidt van het belang van andere houders van een postbus. Bij verweerder zijn klachten ingediend tegen de introductie door PTT Post van een jaarlijkse vergoeding van f. 250,- voor het gebruik van een postbus. Dergelijke klachten moeten in het (handhavings)stelsel van de Mededingingswet (Mw) worden aangemerkt als een verzoek om ten aanzien van degene op wiens handelen (of nalaten) de klacht betrekking heeft, toepassing te geven aan art. 56 Mw op de grond dat diegene handelt of heeft gehandeld in strijd met art. 24, eerste lid Mw. Verweerder heeft dit verzoek afgewezen en het tegen die afwijzing ingediende bezwaarschrift ongegrond verklaard. Verweerder heeft eiseres aangemerkt als belanghebbende omdat eiseres, als financieringsmaatschappij, ter bescherming van zeer vertrouwelijke in haar computerapparatuur aanwezige gegevens uit veiligheidsoverwegingen is aangewezen op het gebruik van een postbus. Rechtbank: Eiseres heeft, als houdster van een postbus en als zodanig contractspartij van PTT Post, terzake een objectief bepaalbaar en voldoende actueel belang. Ook staat vast dat eiseres terzake enig eigen belang heeft. De rechtbank is echter, anders dan verweerder in bezwaar, van oordeel dat daarbij geen sprake is van een belang dat zich in rechtens relevante mate onderscheidt van dat van de andere - ongeveer 280.000 - houders van een postbus in Nederland. Veiligheids- en privacyoverwegingen van een houder van een postbus onderscheiden deze in algemene zin geenszins van een willekeurige andere houder van een postbus. Bovendien is onvoldoende aannemelijk geworden dat ten aanzien van eiseres sprake is van zodanig specifieke of bijzondere, in haar bedrijfsvoering gelegen omstandigheden, dat zij zich op die grond zou onderscheiden van een willekeurige andere houder van een postbus. Gegrond beroep. De directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit, verweerder. mr. drs. Th.G.M. Simons, mrs. E.I. van den Bos-Boomsma, H.S.G. Verhoeff
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
