ECLI:NL:RBOVE:2026:3071
Rechtbank Overijssel · 02-06-2026 · zaaknummer 11189595 \ CV EXPL 24-2548
Inhoudsindicatie
De (schoon)moeder van eisers huurde een woning van de Stichting. Zij is overleden. Eisers willen nu in de woning blijven wonen, maar de Stichting is niet bereid om de huurovereenkomst die zij met de (schoon)moeder had met eisers voort te zetten. Eisers hebben primair een vordering ex artikel 7:628 lid 2 BW ingediend. Volgens hen hadden zij een duurzame gemeenschappelijke huishouding met hun (schoon)moeder. De kantonrechter oordeelt dat geen sprake was van een duurzaam gemeenschappelijke huishouding en wijst de primaire vordering daarom af. De subsidiaire vordering ziet op een vergoeding voor investeringen die in de woning zijn gedaan. Ook die vordering wordt afgewezen.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
