ECLI:NL:RBOVE:2024:5327
Rechtbank Overijssel · 15-10-2024 · zaaknummer 10997948 \ CV EXPL 24-1103
Inhoudsindicatie
Partijen zijn broers en zussen van elkaar. Zij zijn deelgenoten in de nalatenschap van hun moeder. In deze zaak staat de vraag centraal of tussen partij A en de overige erfgenamen een pachtovereenkomst bestaat. De pachtkamer is van oordeel dat in de eerdere procedures die partijen hebben gevoerd al op het door partij A gevorderde is beslist. De eerdere uitspraken zijn in kracht van gewijsde gegaan en hebben gezag van gewijsde gekregen. De daarin gegeven rechtsoordelen hebben tussen partijen als vaststaand te gelden. Dat leidt ertoe dat de vorderingen in conventie van partij A worden afgewezen. Partij A wordt veroordeeld in de proceskosten. Aan inhoudelijke beoordeling van de voorwaardelijke vordering in reconventie van partij B2, B3 en B4 komt de pachtkamer niet toe.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
