ECLI:NL:RBOVE:2024:424
Rechtbank Overijssel · 24-01-2024 · zaaknummer C/08/279387 / HA ZA 22 - 110 C/08/282452 / HA ZA 22 - 210
Inhoudsindicatie
Gedaagden in deze procedures zijn zussen van elkaar. Zij zijn in 2014 door de kantonrechter benoemd als bewindvoerders in het kader van een beschermingsbewind ten behoeve van hun oma. Die taak is geëindigd op het moment van overlijden van oma. De vader van de zussen (en de zoon van oma) heeft de zussen betrokken in deze procedure. In de dagvaardingen vordert hij betaling van diverse geldbedragen. Die vorderingen zijn grotendeels gegrond op zijn stelling dat de zussen zijn tekortgeschoten in de uitvoering van het bewind en dat zij daarmee onrechtmatig hebben gehandeld jegens hem als enig erfgenaam. In de loop van deze procedure is vader overleden en is de procedure tegen de zussen overgenomen door hun broer (de eiser). De rechtbank komt in dit vonnis op basis van de stellingen van partijen tot het oordeel dat de vorderingen tegen de zussen voor een deel toewijsbaar zijn en voor het overige moeten worden afgewezen
Rechters
Advocaten
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
