ECLI:NL:RBOVE:2024:3564
Rechtbank Overijssel · 03-07-2024 · zaaknummer C/08/289891 / HA ZA 22-448
Inhoudsindicatie
In deze zaak hebben partijen over en weer (geld)vorderingen ingesteld die verband houden met een webshop. Partijen (vader en zoon) claimen allebei eigenaar te zijn daarvan. Volgens partij B (zoon) zijn er winstdelingsafspraken gemaakt en bestaan de aan hem uitbetaalde bedragen (deels betaald onder de noemer ‘schenking’) uit opgespaarde winst. Partij A c.s. (vader en moeder) zijn het daar niet mee eens en stellen dat partij B de aan hem uitbetaalde bedragen zelf heeft overgeboekt vanaf de bankrekeningen van partij A c.s. Daartoe was hij volgens partij A c.s. in staat, omdat hij de administratie beheerde. Dit wordt door partij B betwist. De rechtbank is van oordeel dat partijen allebei onvoldoende feiten en omstandigheden ten grondslag hebben gelegd aan hun vorderingen. De rechtbank komt daarom niet toe aan bewijslevering. Dit betekent dat de rechtbank niet kan vaststellen wat er precies speelt tussen partijen en wie het gelijk aan zijn zijde heeft. De rechtbank wijst de vorderingen van partijen af, op een door partij B erkend deel van € 15.000,00 na.
Rechters
Advocaten
- D. Wouters
- G.A. de Boer
- S. van der Hoeven
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
