ECLI:NL:RBOVE:2022:1767
Rechtbank Overijssel · 09-06-2022 · zaaknummer 08/963578-21, 08/963574-21, 08/963500-22 en 08/963577-21
Inhoudsindicatie
De rechtbank is van oordeel dat er (op dit moment) geen aanwijzingen zijn dat dat de overgedragen informatie onrechtmatig is verkregen en er dus geen onderzoek naar de rechtmatigheid van de Amerikaanse informatievergaring en -verstrekking zal worden verricht. De rechtbank overweegt verder dat Nederland slechts verantwoordelijk kan worden gehouden voor eventuele schendingen bij de informatievergaring op buitenlands grondgebied als staatsorganen (zoals het Openbaar Ministerie) buiten eigen nationale grenzen handelen dan wel hun handelen buiten nationale grenzen extraterritoriale effecten heeft. Dit brengt met zich dat wanneer zou blijken dat Nederland het eerdergenoemde “derde land” is, het mogelijk wel tot de taak van de strafrechter behoort om de rechtmatigheid van die informatievergaring en -verstrekking te toetsen volgens de bepalingen van het Nederlandse strafrecht. Ter terechtzitting hebben de officieren van justitie niet de garantie kunnen geven dat Nederland niet het bedoelde derde land is. Gelet hierop zal de rechtbank het openbaar ministerie opdragen te onderzoeken of Nederland het derde land is (waarin in het affidavit wordt gesproken) dan wel te garanderen dat Nederland niet het derde land is. De rechtbank wijst de verzoeken tot horen van getuigen en de verzoeken die gedaan zijn die zien op de ANOM-data af.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Officier van justitie
- M. Lambregts
officier van justitie
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
