ECLI:NL:RBOVE:2019:1329
Rechtbank Overijssel · 05-04-2019 · zaaknummer C/08/230159 / KG ZA 19-70
Inhoudsindicatie
Toewijzing van de vordering(en) in conventie tot het eindigen van de uitoefening van een (eventueel) retentierecht van gedaagde en tot ontruiming. Er kan niet met de vereiste mate van waarschijnlijkheid worden vastgesteld dat gedaagde een beroep op retentierecht toekomt. Zelfs al zou moeten worden aangenomen dat gedaagde een vordering op eisers heeft en een beroep op het retentierecht toekomt, dan is de voorzieningenrechter van oordeel dat de uitoefening van het retentierecht door gedaagde in dit geval misbruik van bevoegdheid oplevert dan wel naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is. Nu gedaagde met het beslag op de tandartspraktijk vooralsnog ruim voldoende zekerheid lijkt te hebben voor haar vordering(en), wordt de vordering strekkende tot opheffing van de overige gelegde conservatoire beslagen en de vordering strekkende tot een verbod om verdere beslagen te leggen toegewezen. De geldvordering in reconventie wordt afgewezen, aangezien het bestaan en de omvang van deze vordering niet in de voor toewijzing in kort geding vereiste mate aannemelijk zijn geworden.
Rechters
Advocaten
- F. Kolkman
- P.H.A. Mulder
- Y.G. Busschers
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
