ECLI:NL:RBOVE:2018:4452
Rechtbank Overijssel · 31-10-2018 · zaaknummer 7132050 \ HA VERZ 18-83
Inhoudsindicatie
Voorwaardelijk verzoek, namelijk voor het geval komt vast te staan dat de arbeidsovereenkomst thans nog bestaat, tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst. Werknemer heeft op 24 maart 2018 een briefje met een opzeggingsverklaring aan zijn werkgever gegeven. Werkgever heeft de opzegging geaccepteerd en aan werknemer bevestigd. Daarna is werknemer teruggekomen op zijn opzegging en heeft hij een kort geding tot wedertewerkstelling aanhangig gemaakt. Die vordering van werknemer is bij vonnis in kort geding afgewezen. Werknemer is in hoger beroep gegaan. Vanwege de onzekerheid over de situatie verzoekt werkgever nu voorwaardelijk om ontbinding van de overeenkomst. De kantonrechter spreekt de ontbinding uit op basis van de g-grond. Door de handelwijze van werknemer op 24 maart 2018 en in de weken daarna heeft werknemer het vertrouwen van de werkgever ernstig geschonden, zodat herplaatsing niet in de rede ligt.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verweerder]
verweerder · onbekend
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
