ECLI:NL:RBOVE:2018:2864
Rechtbank Overijssel · 01-08-2018 · zaaknummer 219224 HA ZA 18-284
Inhoudsindicatie
Erfrecht, artikel 3:171 BW en ECLI:NL:HR:2018:535. De discussie die partijen voeren over een eventuele verjaring en de hoogte van de aflossingen t.a.v. van een zich in de nalatenschap bevindende vordering op een derde kan niet gevoerd worden in deze procedure. Dit betekent dat eiser en gedaagde, als zij ter zake duidelijkheid wensen, als deelgenoten ten behoeve van de nalatenschap een vordering dienen in te stellen jegens de derde.
Rechters
Advocaten
- J.A.A.M. Rupert
- W. Brouwer
Partijen
[eiseres]
eiseres · onbekend
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
