ECLI:NL:RBOVE:2016:4666
Rechtbank Overijssel · 06-07-2016 · zaaknummer C/08/173876 / HA ZA 15-359
Inhoudsindicatie
Geschil over het eindigen van een maatschap. Vanwege de arbeidsongeschiktheid en het uitblijven van een succesvolle re-integratie konden de overige maten de maatschapsovereenkomst opzeggen tegen 1 januari 2014. Stellingen van de opgezegde maat over het slechts gedeeltelijk arbeidsongeschikt zijn, het door de andere maten frustreren van een re-integratie en het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaard zijn van een opzegging, houden geen stand. Afrekening op basis van de maatschapsovereenkomst, waarbij er geen reden is om rekening te houden met een goodwillvergoeding. Die vergoeding is niet ingebracht, niet in de jaarrekening geactiveerd en niet in de overeenkomst geregeld. Het niet verdisconteren van een dergelijke vergoeding in de afrekening is niet naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar en evenmin onrechtmatig. Uitleg van de bepaling in de maatschapsovereenkomst over verlaging van het aandeel in het resultaat bij arbeidsongeschiktheid, met name aan de hand van de aannemelijkheid van de gevolgen van de ene dan wel de andere uitleg. Geen reden voor verdiscontering in de afrekening van een immateriële schadevergoeding. Noodzaak van deskundige voorlichting over de waarde van het pand van de maatschap.
Advocaten
- C.J. van Weering
- M.L.F.J. Schyns
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
