ECLI:NL:RBOVE:2016:261
Rechtbank Overijssel · 20-01-2016 · zaaknummer C/08/167111 ha za 56/15
Inhoudsindicatie
Seksueel misbruik. Onrechtmatige daad. Geen verjaring. Gelet op de strekking van artikel 3:310 lid 1 BW begint de verjaringstermijn te lopen op de dag na die waarop de benadeelde daadwerkelijk in staat is een rechtsvordering tot vergoeding van schade in te stellen. Dit is het moment waarop de verhindering, die de benadeelde ervan weerhield zijn vordering in te stellen, niet meer aanwezig is. In geval van seksueel misbruik van minderjarigen dient te worden aangenomen dat de datum waarop bij de politie aangifte is gedaan, in beginsel kan worden aangemerkt als het moment waarop de benadeelde daadwerkelijk in staat moet worden geacht een rechtsvordering tot vergoeding van schade in te stellen. De rechtbank oordeelt dat sprake was van misbruik vanuit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht. De seksuele handelingen dienen te worden aangemerkt als onrechtmatig handelen.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
