ECLI:NL:RBOVE:2014:1963
Rechtbank Overijssel · 24-03-2014 · zaaknummer 2725036 VV Expl 14-17
Inhoudsindicatie
Werknemer neemt ontslag en treedt in dienst bij een derde, die een soortgelijke onderneming (uitzendbureau) exploiteert. Werkgever vordert daarop naleving non-concurrentiebeding en relatiebeding en de op overtreding daarvan staande boete. Werknemer vordert in reconventie schorsing van het non-concurrentiebeding, althans een vergoeding zolang dat beding wordt gehandhaafd. Anders dan weknemer meent, is het voldoende dat bij verlenging van een voor bepaalde tijd aangegane arbeidsovereenkomst naar een eerder correct overeengekomen concurrentiebeding verwezen en behoeft de tekst van het beding niet opnieuw te worden bijgevoegd. Werknemer wordt dan ook gelast het non-concurrentiebeding na te leven op straffe van een dwangsom. Gelet op de overtreding van werknemer van het non-concurrentiebeding is hij een boete aan werkgever verschuldigd. Anders dan werknemer betoogt, zijn de artikelen 7:650 en 651 BW niet toepasselijk op de boeteclausule in een non-concurrentiebeding. De boete wordt voorshands gematigd, gelijk in reconventie de duur van het non-concurrentiebeding. Voor een vergoeding aan werknemer ingevolge het vierde lid van artikel 7:653 BW is geen grond.
Rechters
Advocaten
- H.L. van der Aa
- R.H. Edema-Spaans
Partijen
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
