ECLI:NL:RBONE:2013:BZ5174
Rechtbank Oost-Nederland · 18-02-2013 · zaaknummer 238482
Inhoudsindicatie
Vaststaat dat eiser hinder ondervindt van de houtgestookte verbrandingsketel in het ketelhuis. Gedaagden hebben namelijk niet weersproken dat eiser in verband met stank- en rookoverlast ramen en deuren van zijn woning gesloten moet houden als de verbrandingsketel in gebruik is, dat dan geen gebruik kan worden gemaakt van de tuin en dat het gezin van eiser om die redenen wel eens elders heeft moeten verblijven. Hinder in die mate, zoals hierboven geschetst, als gevolg van de verspreiding van stank en rook is voorshands geoordeeld onrechtmatig in de zin van art. 6:162 BW j° art. 5:37 BW. Daarbij komt dat de bouw van het ketelhuis in strijd is met het geldende bestemmingsplan ter plaatse. Het verzoek tot wijziging van het bestemmingsplan zoals gedaagde sub 2 dat heeft ingediend, is nog niet gehonoreerd en uit niets blijkt dat dit op korte termijn zal geschieden. Verder hoeft als gevolg van veranderde regelgeving voor het gebruik van de verbrandingsketel weliswaar geen vergunning meer aangevraagd te worden, maar een meldingsplicht is er wel en er kunnen – onweersproken – voorwaarden verbonden worden aan het gebruik van de onderhavige verbrandingsketel. Gedaagden wordt verboden - kort gezegd - de ketel in gebruik te hebben.
Rechters
Advocaten
- M.C.L. Gimbrère
- N.W. Huijgen
- P.A.J. Huijbregts
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
