ECLI:NL:RBOBR:2017:6795
Rechtbank Oost-Brabant · 01-12-2017 · zaaknummer C-01-327928 - KG ZA 17-717
Inhoudsindicatie
Het ging in deze zaak om een vordering tegen de Staat, naar aanleiding van een (strafrechtelijke) aanzegging van het Openbaar Ministerie tegen eiser (die zich zonder recht of titel in een pand bevond) dat tot ontruiming van het pand zou worden over gegaan. De vordering om de Staat te verbieden tot ontruiming over te gaan is – bij wege van een tussenvonnis – toegewezen voor de duur van een bepaalde periode en voorts is de zaak aangehouden voor bepaalde tijd, omdat hetgeen namens eiser naar voren is gebracht aanleiding gaf nader onderzoek te doen naar de feiten. Zo bleek onder meer onduidelijk te zijn wie de bloot eigenaar was van het pand, en wat de motieven waren van degene die – na de ontruiming van het pand – daar wilde gaan wonen. De voorzieningenrechter heeft overwogen dat, indien de door eiser naar voren gebrachte verdenkingen omtrent de eigenaar/beoogd bewoner van het pand gegrond mochten blijken, het zou betekenen dat de Staat met het tegengaan van het ene misdrijf (kraken) door middel van de ontruiming van het pand, een ander misdrijf zou faciliteren (ondermijning).
Rechters
Advocaten
- B.B.M. Vroegindewey
- M.F. van Hulst
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
